woensdag 21 april 2010

Over mogelijkheden i.p.v. gebreken

Als er één reden is waarom ik 15 jaar na mijn lerarenopleiding toch weer in het onderwijs wilde werken, waarin ik inmiddels alweer 10 jaar actief ben, dan is het wel omdat ik het idee had dat, vanuit de allerbeste intenties, de nadruk in het onderwijs voornamelijk ligt op beperkingen, op wat we nog niet kunnen - en ook nooit zullen leren - ten opzichte van wat we zouden moeten kunnen volgens de algemeen gangbare norm, op afwijkingen van het normale, en dat niemand daar gelukkig of succesvol van wordt en dat ik daar iets aan wil doen. Ik verval overigens nog elke dag in diezelfde valkuil die ik door mijn ouders, leerkrachten en andere belangrijke derden zorgvuldig heb aangeleerd; kijk naar wat niet klopt en wat afwijkt i.p.v. naar welke zeldzame en fantastische potentie er beschikbaar is.
Aimee Mullins, een prachtige dame zonder onderbenen beschrijft op heldere wijze wat ik zo graag zelf had willen kunnen zeggen. Omdat haar engels (engelse ondertiteling wel mogelijk) soms lastig te volgen is heb ik een nederlandse vertaling hieronder toegevoegd. Ik wens je veel inzicht.






(Nederlandse vertaling)
Ik wil graag een ontdekking met u delen, die ik een paar maanden geleden deed terwijl ik een artikel schreef voor Italien Wired. Ik hou mijn woordenboek altijd bij de hand als ik iets aan het schrijven ben. Maar ik had het stuk al afgemaakt. En ik realiseerde me dat ik nog nooit van mijn leven het woord gehandicapt had opgezocht om te zien wat ik vond. Ik zal u de lijst voorlezen.
Gehandicapt: invalide, hulpeloos, waardeloos, kapot, mank, verminkt, gewond, gemangeld, lam, verminkt, afgeleefd, uitgeleefd, verzwakt, impotent, gecastreerd, verlamd, geblesseerd, seniel, versleten, bedlegerig, opgemaakt, afgedaan, uitgemaakt, afgekraakt, uitgeteld.
Zie ook: gepijnigd, onbruikbaar, zwak.
Tegenovergestelde: gezond, sterk, vaardig.
Ik las het hard op voor aan een vriend en moest eerst lachen, het was zo belachelijk, maar ik was net voorbij gemangeld toen mijn stem brak en ik moest stoppen om mezelf weer te beheersen van de emotionele schok en indruk die de aanval van deze woorden teweegbracht. Natuurlijk is dit mijn versleten oude woordenboek. Ik dacht nog dat dit een zeer ouderwetse druk moest zijn, toch? Maar in feite was de datum van de druk begin jaren 80 toen ik begon met de basisschool en een mening over mezelf begon te krijgen los van de familiebanden en in relatie tot de andere kinderen en de wereld om me heen. En onnodig om te zeggen maar Goddank gebruikte ik in die tijd geen woordenboek. Ik bedoel vanaf deze lijst lijkt het of ik in een wereld geboren was die iemand als ik ziet als een persoon die niets positiefs heeft, terwijl ik op dit moment bekend ben om de mogelijkheden en avonturen die ik in mijn leven heb verkregen. Dus ik ging direct kijken in de 2009 online editie, verwachtend dat ik een aanpassing zou vinden die de moeite waard was.
Hier is de aangepaste versie van de lijst. Helaas is het niet veel beter: Blind, doof, gestopt, lam, verlamd, .., immobiel, onbeweeglijk, sukkelend, verkeerd, ziek, misselijk, onfit, ongezond, gebrekkig, onwel. Bijna tegenovergestelde: gezellig, vrolijk, fit, heel, gezond, hartelijk, robuust, prima, wel, compleet, heilzaam. Tegenovergesteld: valide, niet gehandicapt.
Ik vind de laatste twee woorden onder ‘bijna tegenovergesteld’ vooral ongemakkelijk. Heel en heilzaam. Kijk, het gaat niet alleen over de woorden. Het gaat over wat we geloven over mensen als we deze woorden voor ze gebruiken. Het gaat over de betekenissen achter de woorden en hoe we deze betekenissen vormen. Onze taal bepaalt ons denken en hoe we tegen de wereld aankijken en hoe we tegen anderen aankijken. Veel klassieke samenlevingen, inclusief de Grieken en Romeinen geloofden dat het uiten van een vloek enorm krachtig was omdat het uitspreken van iets het in het leven riep. Dus wat voor een realiteit willen we in het leven roepen, iemand die beperkt is of iemand die krachtig is. Door terloops iets te doen als iemand, een kind, uit te schelden zouden we wel eens een deksel op de macht en kracht van die persoon kunnen zetten. Zouden we niet veel liever deuren voor hen willen openen.
Één zo’n iemand die voor mij deuren opende was mijn dokter toen ik klein was in het A.I. Dupont Instituut in Wilmington Delaware. Zijn naam is dokter Pizzutillo. Italiaanse Amerikaan wiens naam klaarblijkelijk voor de meeste Amerikanen te moeilijk was om uit te spreken waardoor hij door het leven ging als dokter P. En dokter P. droeg altijd prachtig gekleurde boogstropdassen en hij had een perfecte persoonlijkheid om met kinderen te werken. Ik vond vrijwel alles leuk in die tijd dat ik in dat ziekenhuis was, uitgezonderd de fysieke oefentherapiesessies. Ik moest ontelbare herhalingen doen van oefeningen met dikke elastische banden – verschillende kleuren – om mijn beenspieren te trainen. En ik haatte die banden vreselijk. Ik haatte ze, schold ze uit. Ik had er een hekel aan. And als vijfjarig meisje was ik al aan het onderhandelen met dokter P. om die oefeningen niet te hoeven doen. Zonder succes vanzelfsprekend. En op een dag kwam hij binnen tijdens één van de uitputtende en onvergeeflijke oefensessies en hij zei me: ‘wow, Aimee, jij bent zo’n sterk en krachtig meisje volgens mij ga je één van die banden kapot trekken. Als je er één kapot trekt krijg je van mij honderd dollar. Natuurlijk was dit een simpele truc van dokter P. om mij de oefeningen te laten doen die ik niet wilde doen, in het vooruitzicht van het rijkste meisje te zijn van de hele tweede verdieping. Maar wat hij zeer effectief deed voor mij was het herkaderen van een vreselijke dagelijkse gebeurtenis in een nieuwe en veelbelovende ervaring voor mij.
En ik vraag me vandaag de dag af in welke mate zijn visie en zijn verklaring van mij als een sterk en krachtig meisje mijn eigen zelfbeeld vormde als een inherent sterk, krachtig en atletisch persoon in de toekomst. Dit is een voorbeeld van hoe volwassenen in posities van macht de macht van een kind kunnen doen aanwakkeren. Want in de voorgaande voorbeelden van de woordenboeklijsten staat onze taal ons niet toe om ons naar de werkelijkheid te ontwikkelen die we allemaal willen, de mogelijkheid van een individu om zichzelf als capabel te zien. Onze taal heeft de veranderingen in onze samenleving niet bijgehouden, die met name door technologie tot stand zijn gekomen. Zeker vanuit een medisch standpunt, mijn benen, laserbehandeling voor verbetering van de ogen, titanium knieën en heupen voor ouder wordende lichamen die mensen toestaan om hun vermogens veel meer te benutten en voorbij de grenzen te gaan die de natuur hen heeft opgelegd. Om niet te spreken van sociale netwerken die mensen toestaan om hun eigen beschrijving van zichzelf te maken zodat ze mee kunnen doen met wereldwijde groepen van hun eigen keuze.
Dus, waarschijnlijk is technologie ons heel duidelijk aan het vertellen wat altijd al waarheid is geweest, dat iedereen iets zeldzaams en krachtig heeft te bieden aan de samenleving. En dat ons menselijk vermogen om ons aan te passen ons grootste bezit is. Het menselijke vermogen om aan te passen is een interessant iets, omdat mensen voortdurend wilden praten met mij over het overwinnen van gebrek. En ik ga een bekentenis doen. Deze uitspraak heeft voor mij nooit geklopt. Ik voelde me altijd ongemakkelijk om vragen te beantwoorden hierover. En ik begin te begrijpen waarom. Impliciet in deze zin van overwinnen van gebrek is het idee dat succes of geluk gaat over het verschijnen aan de andere kant van een uitdagende gebeurtenis, ongedeerd of ongeroerd door de gebeurtenis. Alsof mijn successen in mijn leven zijn ontstaan uit een vermogen om de veronderstelde valkuilen van een leven met protheses te omzeilen of er langs te stappen, of wat andere mensen zien als mijn gebrek. Maar in feite zijn we veranderd. We zijn getekend door een uitdaging, fysiek of emotioneel of beiden. En ik geef aan dat dat prima is. Tegenslag is geen obstakel waar we omheen moeten om ons leven weer op te pakken. Het is een deel van ons leven. En ik heb de neiging om het als mijn schaduw te zien. Soms zie ik er veel van, soms nauwelijks iets maar het is er altijd. En zeker, ik probeer niet de impact of het belang van iemands strijd te bagataliseren. Er is tegenspoed en uitdaging in het leven en het is allemaal heel werkelijk en relatief voor iedereen persoonlijk maar het gaat niet om de vraag of je wel of niet met tegenslag te maken krijgt maar hoe je er mee omgaat.
Onze verantwoordelijkheid is niet eenvoudigweg het afschermen van tegenspoed voor hen waar we van houden maar om hen voor te bereiden om er goed mee om te gaan. En wij doen onze kinderen een slechte dienst wanneer we hen het gevoel geven dat ze niet het vermogen hebben om zich aan te passen. Er is een belangrijk verschil en onderscheid tussen het objectieve medische feit dat ik twee geamputeerde benen heb en de subjectieve sociale mening of ik gebrekkig ben of niet. En eerlijk gezegd het enige en consistente gebrek waar ik mee geconfronteerd wordt is de wereld die steeds maar blijft geloven dat ik beschreven kan worden aan de hand van deze definities. In onze wens om onze geliefden te beschermen door hen de koude harde waarheid te vertellen omtrent hun medische prognoses, of zelfs de prognoses of de verwachte kwaliteit van leven, moeten we er zeker van zijn dat we niet de eerste steen in een muur metselen die in feite iemand gebrekkig maakt.
Misschien, het bestaande model van alleen kijken naar wat verkeerd is in jou en hoe we het kunnen repareren, zal het individu meer gebrekkig maken dan het gebrek zelf. Door niet het heelzijn van de persoon te benaderen, door niet hun mogelijkheden te erkennen, creëren we een ander probleem bovenop welke natuurlijke strijd ze dan ook mogen hebben. We rangschikken op effectieve wijze iemands waarde voor onze samenleving. Dus we moeten voorbij de pathologie kijken en naar de verscheidenheid van menselijke vermogens. En het belangrijkst, er is een partnerschap tussen deze vermeende deficiënties en onze grootste creatieve kracht. Dus het gaat niet over devalueren of ontkennen van deze uitdagende tijden als iets dat we willen vermijden of onder het kleed willen vegen, maar in plaats daarvan om de mogelijkheden te vinden die verborgen zijn in de gebreken. Dus misschien is het idee dat ik naar voren wil brengen niet zozeer het overwinnen van gebrek alswel onszelf er voor open te stellen, het te omhelzen, ermee te worstelen of er misschien mee te dansen. En wellicht als we gebrek als natuurlijk, consistent en bruikbaar zien worden we er minder door belast.
Dit jaar vieren we de 200-ste verjaardag van Charles Darwin en het was 150 jaar geleden toen Darwin met het schrijven over evolutie duidelijk maakte, denk ik, een waarheid over de menselijke eigenschappen. Om aan te geven, het is niet de sterkste soort die overleeft en ook niet de meest intelligente, het is degene die zich het meest kan aanpassen aan veranderingen. Conflict is de oorsprong van creatie. Van het werk van Darwin onder anderen kunnen we leren dat het menselijk potentieel om te overleven en te floreren gedreven wordt door de worsteling van het de menselijke geest door conflict in de richting van transformatie. Dus nogmaals, transformatie, aanpassing is onze grootste menselijke vaardigheid. En waarschijnlijk totdat we getest worden hebben we geen idee waartoe we in staat zijn. Misschien is dat wat gebrek ons geeft. Een idee over ons zelf een besef van onze eigen kracht. Dus we kunnen onszelf een kadootje geven. We kunnen ons opnieuw voorstellen dat gebrek meer is dan gewoon moeilijke tijden. Misschien kunnen we het zien als verandering. Gebrek is gewoon verandering waar we ons nog niet aan aangepast hebben. Ik denk dat het grootste gebrek dat we voor onszelf gecreëerd hebben is het idee van wat normaal is. Wie is er normaal? Er bestaat geen normaal. Er bestaat gewoonlijk. Er bestaat typisch. Maar er is geen normaal. En zou je het arme grijze schaap willen ontmoeten als hij bestond? Ik denk het niet.
Als we dit paradigma kunnen veranderen van het bereiken van wat normaal is naar een nadruk op mogelijkheden of potentieel, om het nog wat uitdagender te stellen. Daarmee kunnen we de kracht van zoveel meer kinderen vrijmaken en hen uitnodigen hun zeldzame en waardevolle vermogens in te zetten voor de gemeenschap. Antropologen vertellen ons dat dat ene wat wij als mensen altijd vragen van onze medemensen is om bruikbaar te zijn, om bij te kunnen dragen. Er is bewijs dat Neanderthalers, 60.000 jaar geleden hun oudere medemens en de gewonden droegen, waarschijnlijk omdat de levenservaring van deze mensen om te overleven een grote waarde hadden voor de gemeenschap. Ze zagen deze mensen niet als versleten en waardeloos, ze werden gezien als zeldzaam en waardevol.
Een paar jaar geleden was ik in een supermarkt in de stad waar ik opgroeide in de redzone in noordwest Pennsylvania, en ik stond bij een schap tomaten. Het was zomer en ik had een korte broek aan. Ik hoorde de stem van een man achter mij zeggen: Wel wel, als dat Aimee Mullins niet is. En ik draaide om, en ik zie een oudere man. Ik heb geen idee wie hij is. En ik zeg, sorry meneer kennen wij elkaar? Ik herinner me niet dat we elkaar ontmoet hebben. Hij zei: wel, je zal je inderdaad niet herinneren dat we elkaar ontmoet hebben. Ik bedoel toen we elkaar ontmoeten was het je eigen geboorte, de bevalling van je moeder. Oh, die man. En natuurlijk klikte het meteen. Deze man was dr. Kean, een man die ik alleen kende van de verhalen van mijn moeder van die dag. Want natuurlijk, typisch, kwam ik twee weken later dan gepland. En dus mijn moeders verloskundige was al op vakantie en dus de man die de bevalling deed was een complete vreemde voor mijn ouders. En omdat ik geboren was zonder scheenbenen, met mijn voeten naar binnen en een paar tenen aan deze voet en een paar aan de andere, moest hij, deze vreemde het slechte nieuws gaan vertellen. Hij zei tegen mij, ik moest jouw ouders de prognose geven dat je nooit zou kunnen lopen, en dat je nooit de mobiliteit zou hebben die andere kinderen zouden hebben of zelfs een zelfstandig leven. En sindsdien heb jij van mij een leugenaar gemaakt.
Het bijzondere was dat hij zei dat hij krantenberichten van mijn hele jeugd had verzameld, of het nu een tweede klas spellingswedstrijd was die ik won, of dat ik wandelde met de meisjes Scouts, de Halloween parade, het winnen van mijn universiteitsgraad of welke sportoverwinning dan ook. En hij gebruikte het en integreerde het in de lessen aan zijn studenten, geneeskunde studenten van Hahnemann Medische School en Hershey Medische School. En hij noemde dat deel van de cursus de X-factor, de potentie van de menselijke wil. Geen enkele prognose kan rekening houden met de kracht hiervan als determinant in de kwaliteit van iemands leven. En dr. Kean vertelde me dat in zijn ervaring, behalve als een kind herhaaldelijk anders verteld werd en zelfs met maar een klein beetje ondersteuning, als men een kind overlaat aan zichzelf zal het presteren. Kijk, dr. Kean maakte die verandering in zijn denken. Hij begreep dat er een verschil is tussen de medische conditie en wat iemand er mee kan.
En er is een verandering in mijn denken opgetreden. Als je mij zou vragen als 15 jarige of ik de protheses zou willen inruilen voor echte benen van vlees en bloed, zou ik geen moment twijfelen. Wat wilde ik graag normaal zijn in die dagen. Als je het me vandaag zou vragen zou ik het niet zeker weten. En het is omdat ik de ervaringen met deze protheses heb gehad en niet ondanks de ervaringen. En misschien is de verandering opgetreden omdat ik blootgesteld ben aan meer mensen die deuren geopend hebben voor me dan mensen die deksels op mijn potentie hebben geplaatst. Weet je, alles wat je nodig hebt is één persoon die je de kracht laat zien die in je ligt en je bent los. Als je iemand de sleutel tot zijn eigen kracht kan aangeven, de menselijke geest is zo open, als jij dat kunt doen en een deur openen voor iemand op een cruciaal moment onderwijs je hem op de allerbeste wijze. Je leert hen deuren voor zichzelf te openen. In feite is de exacte betekenis van het woord educatie afgeleid van het woord ‘educe’. Het betekent voortbrengen wat van binnen zit. Potentieel naar buiten brengen. Dus nogmaals, welk potentieel willen we naar buiten brengen? Er ius een onderzoek gedaan in 1960 in Engeland, toen kinderen overgingen van de basisschool naar het voortgezet onderwijs. De brugklas zoals we dat hier noemen. Hier volgt de scheiding van leerlingen in VMBO, HAVO en VWO. De VWO leerlingen krijgen de moeilijkste vakken en de beste leraren enz. Ze namen een periode van 3 maanden en gaven VMBO geteste leerlingen VWO scores. Ze vertelde hen dat ze slim waren en dat ze VWO leerlingen waren en aan het eind van deze 3 maanden scoorden ze op VWO niveau. En natuurlijk, de zure andere kant was dat een aantal VWO leerlingen verteld werd dat ze VMBO-ers waren. En dat werden hun prestaties aan het eind van de periode. Zij die nog in school waren, naast de leerlingen die gestopt waren. Een cruciaal deel van het onderzoek was dat de leerkrachten ook van niets wisten. Zij wisten niet dat er een wisseling had plaatsgevonden. Ze werden gewoon verteld dit zijn VWO-leerlingen en dat zijn VMBO-leerlingen. En zo gaven ze hen les en behandelde ze de kinderen.
Dus ik denk dat het enige echte gebrek een verwrongen geest is. Een geest die verwrongen is heeft geen hoop. Gebrekkig is. Weghalen van hoop, verminderen van nieuwsgierigheid, het promoten van een onvermogen om schoonheid te zien, ‘beroven van voorstellingsvermogen. Ellendig maken. Tegenovergestelde: mogelijk maken.
Het ziet geen schoonheid, het heeft niet meer de natuurlijke, kinderlijke nieuwsgierigheid en ons ingebouwde vermogen om ons iets voor te stellen.
Als we echter een menselijke geest kunnen helpen om hoop te hebbben, om hun eigen schoonheid te zien en die van anderen, om hen nieuwsgierig en fantasierijk te laten zijn, dan gebruiken we onze macht op juiste wijze. Als een geest deze kwaliteiten heeft zijn we in staat om nieuwe realiteiten te creëren en nieuwe zijnswijzen. Ik zou graag afsluiten met gedicht van de veertiende eeuwse Perzische dichter Hafiz, waar mijn vriend Jacques Dembois me over vertelde. En het gedicht is getiteld ‘de God die maar vier woorden kent’.
Elk kind heeft God gekend,
Niet de God van schelden,
Niet de God van mag niet,
Maar de God die slechts vier woorden kent en deze blijft herhalen,
Kom dans met mij.
Kom dans met mij.

Dank u.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten